Direct naar de inhoud
Alle werkvormen

Werkvorm

Discovery & Action Dialogue

ook wel: Ontdek- en actiegesprek

Zeven vragen die de groep laten ontdekken dat de oplossing al ergens in huis is.

Tijd
45–70 min
Groepsgrootte
5–30
Ruimte
Gewoon lokaal
Energie
Rustig

Wanneer zet je dit in?

Bij een hardnekkig probleem waar iedereen last van heeft en waar sommigen — vaak onopgemerkt — al een werkende oplossing voor hebben.

Voorbereiding

  • Formuleer het probleem in gewone taal, zonder oplossing erin
  • Zet de zeven vragen zichtbaar op een flap

Zo doe je het

  1. 1

    Zit in een kring van vijf tot tien. Stel de zeven vragen na elkaar, en houd je aan de volgorde.

  2. 2

    Hoe weet jij wanneer dit probleem zich voordoet?

  3. 3

    Wat doe jij zelf om eraan bij te dragen dat het wél goed gaat?

  4. 4

    Wat houdt je tegen om dat vaker te doen?

  5. 5

    Ken je iemand die dit probleem heeft opgelost, of grotendeels? Wat doet die anders?

  6. 6

    Wat is er nodig om die aanpak breder te krijgen? Wie zou daarbij moeten helpen? En: wat ga jij deze week doen?

  7. 7

    Schrijf de laatste twee antwoorden op met naam erbij.

Zo zeg je het

De instructie zoals je hem uitspreekt. Maak er je eigen woorden van, maar houd de volgorde aan: eerst in beweging, dan pas de details.

"Ik stel zeven vragen en we gaan ze in volgorde langs. Belangrijk: ik ben niet op zoek naar wie schuld heeft en ook niet naar wat de directie zou moeten doen. Ik zoek naar wat er in deze groep al gebeurt dat wél werkt — want mijn ervaring is dat iemand hier het al opgelost heeft en dat de rest dat niet weet. Eerste vraag: hoe weet jij wanneer dit probleem speelt?"

Nabespreken

Zonder nabespreking blijft een werkvorm een spelletje. Kies twee of drie vragen; ze hoeven niet allemaal.

  • Wie in deze groep doet iets dat wij zouden kunnen overnemen?
  • Wat houdt ons tegen om dat te doen?
  • Wie doet wat, deze week?

Wat er mis kan gaan

Het gesprek gaat over wie het probleem veroorzaakt.

Buig terug naar vraag twee: wat doe jíj dat bijdraagt aan wat wél werkt. De vragenvolgorde is er precies om dit te voorkomen.

Niemand kent iemand die het heeft opgelost.

Vraag naar deeloplossingen: wie heeft er minder last van, en waarom? Bijna nooit heeft niemand iets gevonden.

Het eindigt zonder concrete acties.

Sla de laatste vraag nooit over, en schrijf naam en week op. Zonder dat is het een prettig gesprek geweest.

Variaties

  • Doe het in meerdere kleine groepen tegelijk en verzamel daarna de acties.

In de klas

Geschikt voor vanaf groep 7, en in het voortgezet onderwijs

Sterk in een lerarenteam bij een probleem als werkdruk of onrust in de gang. Met leerlingen bruikbaar bij klassenproblemen: wie heeft hier al iets gevonden dat werkt?

Past hier ook bij

Praktijkervaringen & Facilitatietips

Ervaringen en aanbevelingen van trainers, docenten en facilitators die deze werkvorm hebben ingezet.

Ervaringen laden...

Klopt er iets niet, of wil je iets kwijt over deze pagina?