Direct naar de inhoud
Alle modellen

Model

Roos van Leary

Gedrag roept gedrag op — en je kunt kiezen welk gedrag je oproept.

De Roos van Leary met acht gedragssectorenleidendhelpendmeewerkendvolgendteruggetrokkenopstandigaanvallendconcurrerendbovenondertegensamen

Waarvoor gebruik je het?

Begrijpen waarom een gesprek steeds hetzelfde patroon volgt, en bewust ander gedrag inzetten om dat patroon te doorbreken.

Twee assen

Leary ontwierp in 1957 een model waarmee relaties tussen mensen in kaart gebracht kunnen worden. Uit onderzoek naar menselijke relaties komen telkens twee hoofddimensies naar voren: een dimensie rond controle, invloed en dominantie, en een dimensie rond intimiteit en affectie.

De eerste dimensie gaat over 'boven of onder': de mate waarin mensen invloed op elkaar uitoefenen. De tweede gaat over 'samen of tegen': hoe persoonlijk of afstandelijk de betrokkenen met elkaar omgaan. Leary tekent de boven-onderdimensie verticaal en de tegen-samendimensie horizontaal.

Twee hoofdregels

Volgens Leary gelden twee regels, en die maken het model bruikbaar in de praktijk:

  • Symmetrie: samen-gedrag lokt samen-gedrag uit, en tegen-gedrag lokt tegen-gedrag uit.
  • Complementariteit: boven-gedrag roept onder-gedrag op, en onder-gedrag roept boven-gedrag op.
  • Ofwel: aanvallen lokt verdedigen uit, en leiden lokt volgen uit — en omgekeerd.

De acht sectoren

De roos verdeelt gedrag in acht sectoren: leidend, helpend, meewerkend, volgend, teruggetrokken, opstandig, aanvallend en concurrerend. Uit onderzoek blijkt dat in groepen vooral deze complementaire patronen voorkomen: leidend-afhankelijk, helpend-meewerkend en competitief-agressief. Qua symmetrie zie je vooral meewerkend-meewerkend, afhankelijk-afhankelijk, agressief-agressief en competitief-competitief.

Wat het model níet is

Een groot misverstand is dat de Roos van Leary mensen zou willen typeren of karakteriseren. Dat is niet het geval. Het gaat om de interactie tussen mensen, niet om hoe mensen qua karakter zijn. Ieder mens heeft alle acht gedragingen in zich en zet ze op gezette tijden in.

Leary stelt daarom nadrukkelijk dat aan de acht gedragingen geen waardeoordeel gekoppeld moet worden: gedrag is nooit per definitie goed of fout. Een stabiele persoonlijkheid kan elk van de acht gedragingen bewust inzetten, afhankelijk van de situatie, het doel en de persoon tegenover zich.

Complementaire gedragspatronen volgens Learytegensamenbovenonderaanvallenleidenverdedigenvolgen

Vragen om te stellen

  • Is dit gedrag samen of tegen?
  • Is dit gedrag boven of onder?
  • Welk gedrag roep ik hiermee op — en is dat wat ik wil?

Werkvormen met dit model

Klopt er iets niet, of wil je iets kwijt over deze pagina?