Werkvorm
Rode kaart
Iedereen kan de discussie stoppen — en juist daardoor blijft iedereen erbij.
- Tijd
- 20–60 min
- Groepsgrootte
- 5–15
- Ruimte
- Gewoon lokaal
- Energie
- Rustig
Wanneer zet je dit in?
Bij langdurige discussies waarin mensen afhaken of in herhaling vallen, en niemand dat durft te zeggen.
Voorbereiding
- Knip rode kaarten, één per deelnemer
Zo doe je het
- 1
Geef alle groepsleden vóór de discussie een rode kaart.
- 2
Iedereen legt de kaart voor zich op tafel en de discussie start.
- 3
Vindt iemand de discussie niet interessant meer, of vindt hij dat er herhaling optreedt, dan schuift hij zijn rode kaart naar het midden.
- 4
Liggen er drie rode kaarten in het midden, dan stopt de discussie. Degene die de derde kaart legde, vat samen wat er tot dan toe besproken is.
- 5
De groep overlegt of en hoe de discussie verder moet.
- 6
De rode kaarten worden teruggepakt en de discussie gaat verder.
Zo zeg je het
De instructie zoals je hem uitspreekt. Maak er je eigen woorden van, maar houd de volgorde aan: eerst in beweging, dan pas de details.
"Jullie krijgen allemaal een rode kaart. Leg 'm voor je op tafel. Vind je op enig moment dat we in herhaling vallen, of dat dit gesprek niet meer oplevert, dan schuif je je kaart naar het midden. Je hoeft niets te zeggen en het is geen oordeel over wie er aan het woord is. Liggen er drie kaarten, dan stoppen we, en vat degene die de derde kaart legde samen waar we staan."
Nabespreken
Zonder nabespreking blijft een werkvorm een spelletje. Kies twee of drie vragen; ze hoeven niet allemaal.
- Wat maakte dat je je kaart legde?
- Wie had hem eerder willen leggen maar deed het niet — en waarom niet?
- Wat zou er gebeuren als we deze kaart altijd op tafel hadden?
Wat er mis kan gaan
Niemand legt zijn kaart, terwijl je voelt dat het gesprek vastzit.
Leg zelf de eerste. Eén keer voordoen dat het niet erg is, maakt de rest los. Dit is het meest voorkomende probleem.
Iemand vat de discussie niet goed samen.
Laat de groep aanvullen in plaats van zelf de samenvatting over te nemen. De onvolledige samenvatting laat vaak precies zien waar de verwarring zit.
Variaties
- Gebruik twee kaarten in plaats van drie bij een kleine groep.
In de klas
Geschikt voor vanaf groep 7, en in het voortgezet onderwijs
Werkt goed bij klassengesprekken en debatten: leerlingen leren benoemen wanneer een gesprek vastloopt zonder iemand af te vallen.
Past hier ook bij
What I Need From You (WINFY)
Wat ik van jullie nodig heb
Elke groep vraagt de andere om precies twee dingen — en krijgt ja, nee of een tegenvoorstel.
Consensusbeoordeling
De groep geeft samen één cijfer — en het gesprek daarover is de hele opbrengst.
Future Search
Toekomstconferentie
Drie dagen met alle belanghebbenden, van verleden naar gedeelde grond naar concrete plannen.
Praktijkervaringen & Facilitatietips
Ervaringen en aanbevelingen van trainers, docenten en facilitators die deze werkvorm hebben ingezet.
Klopt er iets niet, of wil je iets kwijt over deze pagina?